Wat kunt u doen om een miskraam te voorkomen?
Therapie vóór de conceptie (pre-conceptiezorg)
Een miskraam voorkomen is niet altijd mogelijk, maar in veel gevallen kan het risico worden verkleind door een gerichte, individuele aanpak. De Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie adviseert bij herhaalde miskramen om aanvullend onderzoek te doen naar mogelijke onderliggende oorzaken, zoals hormonale, genetische, anatomische en stollingsfactoren.
Binnen de benadering van FertilityCare ligt de nadruk op het optimaliseren van de natuurlijke vruchtbaarheid vóór de conceptie. De menstruatiecyclus wordt hierbij gezien als belangrijkste uitgangspunt. Door systematische cyclusmonitoring worden hormonale patronen in detail in kaart gebracht, waaronder de follikelrijping, de timing en kwaliteit van de eisprong en de hormonale balans in de luteale fase. Afwijkingen zoals een suboptimale eisprong of een tekort aan progesteron kunnen zo vroegtijdig worden herkend.
Wanneer er sprake is van een verstoorde of uitblijvende ovulatie kan ovulatie-inductie worden ingezet. Dit is een behandeling waarbij de eisprong medisch wordt gestimuleerd om een regelmatige en kwalitatief betere ovulatie te bereiken. Dit kan bijdragen aan een betere cyclusopbouw en een verhoogde kans op een gezonde conceptie.
Naast hormonale factoren wordt ook gekeken naar mogelijke verstoringen in het vaginale en endometriale microbioom. Wanneer er aanwijzingen zijn voor immunologische disbalans, zowel in de voortplantingsorganen als systemisch, worden deze – met het oog op het verbeteren van de immuunomgeving – waar nodig ook behandeld.
Op basis van de verkregen inzichten wordt een persoonlijk behandelplan opgesteld. Dit kan bestaan uit hormonale ondersteuning, ovulatie-inductie of het optimaliseren van de luteale fase. Daarnaast wordt, afhankelijk van de situatie, aanvullend onderzoek verricht naar schildklierfunctie, metabole gezondheid (zoals insulineresistentie), stolling, het immuunsysteem en het microbioom. Het doel is om de hormonale en biologische voorwaarden voor een gezonde conceptie zo optimaal mogelijk te maken.
Therapie tijdens de zwangerschap
Na een positieve zwangerschapstest richt de zorg zich op het ondersteunen van een stabiel verloop van de zwangerschap, met name in de vroege fase waarin innesteling en placentavorming plaatsvinden.
Uit wetenschappelijk onderzoek en klinische observaties blijkt dat fysiologische waarden van oestrogeen en progesteron geassocieerd zijn met een gunstiger verloop van de zwangerschap. Deze hormonale referentiewaarden vormen het uitgangspunt bij de overweging van eventuele suppletie. In situaties waarin ondersteuning geïndiceerd is, wordt de duur en dosering van hormoonsuppletie individueel bepaald en afgestemd op het klinisch beloop en de behoefte van de patiënte.
De begeleiding bestaat daarnaast uit regelmatige controles, waaronder echografie en laboratoriumonderzoek, om de ontwikkeling van de zwangerschap te monitoren en waar nodig tijdig te kunnen bijsturen.
Daarnaast wordt gekeken naar preconceptioneel geïdentificeerde en behandelde factoren. Therapieën die vóór de zwangerschap zijn gestart, zoals i.v.m. schildklierafwijkingen, stollingsstoornissen of immuun-gerelateerde factoren, worden indien geïndiceerd tijdens de zwangerschap voortgezet en zo nodig aangepast aan de actuele situatie.
De aanpak is altijd individueel en gebaseerd op voorgeschiedenis, eerdere zwangerschapsuitkomsten en het beloop van de huidige zwangerschap, met als doel een zo stabiel en optimaal mogelijk zwangerschapsverloop te ondersteunen.